Naar de inhoud
Doorstroomtoetstrainer

Kwadraat en machten: wat betekent dat kleine getal?

Bijgewerkt op 24-10-2026 · Doorstroomtoetstrainer

Kort antwoord

Een kwadraat is een getal keer zichzelf. 5 kwadraat, geschreven als 5², is 5 × 5 = 25. Een macht is een herhaalde vermenigvuldiging: 2³ betekent 2 × 2 × 2 = 8. Het kleine getal rechtsboven zegt hoe vaak je het getal met zichzelf vermenigvuldigt.

Doe de gratis oefentoets Bekijk de pakketten

Wat is een kwadraat?

Een kwadraat is een getal dat je met zichzelf vermenigvuldigt. Je schrijft het met een klein tweetje rechtsboven het getal. 7² spreek je uit als "zeven kwadraat" of "zeven in het kwadraat" en het betekent 7 × 7 = 49.

Het woord kwadraat komt van een Latijns woord voor vierkant. Dat is geen toeval. Teken een vierkant van 7 bij 7 hokjes en tel de hokjes: dat zijn er 49. Een kwadraat is dus het aantal hokjes in een vierkant. Dat beeld helpt kinderen enorm om te onthouden wat het betekent.

Kwadraat uitrekenen: de grootste valkuil

De bekendste fout is het kleine tweetje lezen als "keer 2". Dan wordt 5² ineens 10. Maar 5² is 5 × 5 = 25. Een goede controle: bij een kwadraat staat het getal zelf twee keer in de keersom, nooit de 2.

SomGoedFout
5²5 × 5 = 255 × 2 = 10
3²3 × 3 = 93 × 2 = 6
10²10 × 10 = 10010 × 2 = 20

Tabel met kwadraten van 1 tot en met 15

Het is handig als je kind de kwadraten tot en met 10 vlot kent. Ze komen terug bij oppervlakte, bij tafels en later in de brugklas. De kwadraten tot en met 15 zijn mooi meegenomen.

GetalKwadraatGetalKwadraat
1²19²81
2²410²100
3²911²121
4²1612²144
5²2513²169
6²3614²196
7²4915²225
8²64

Valt je kind iets op? De kwadraten van even getallen zijn even, die van oneven getallen zijn oneven. En het verschil tussen twee kwadraten na elkaar is steeds het volgende oneven getal: 4 − 1 = 3, 9 − 4 = 5, 16 − 9 = 7. Zulke patronen maken het leren leuker.

Kwadraat en oppervlakte: de vierkante meter

In groep 7 en 8 kom je het tweetje vooral tegen bij oppervlakte. Een vierkante meter schrijf je als m². Dat is de ruimte van een vierkant van 1 meter bij 1 meter.

Uitgewerkt voorbeeld: een vierkante tuin

Een vierkante zandbak is 3 meter lang en 3 meter breed. De oppervlakte is 3 × 3 = 3² = 9 m².

Andersom kan ook. Een vierkante tuin heeft een oppervlakte van 64 m². Hoe lang is een zijde? Je zoekt een getal dat keer zichzelf 64 is. Dat is 8, want 8 × 8 = 64. De zijde is dus 8 meter.

Let op bij omrekenen. Een vierkante meter is niet 100 cm², want een vierkant van 1 m bij 1 m is 100 cm bij 100 cm. Dat is 10.000 cm². Meer daarover lees je bij oppervlakte berekenen en het metriek stelsel.

Wat zijn machten?

Een kwadraat is eigenlijk een speciale macht: de macht 2. Bij machten kan het kleine getal ook een ander getal zijn.

  • 2³ = 2 × 2 × 2 = 8. Je zegt: twee tot de macht drie, of twee tot de derde.
  • 3⁴ = 3 × 3 × 3 × 3 = 81.
  • 2⁵ = 2 × 2 × 2 × 2 × 2 = 32.

Het grote getal heet het grondtal. Het kleine getal heet de exponent. De exponent zegt hoe vaak het grondtal in de keersom staat. Een macht 3 heet ook wel een derde macht. Je kent hem van de kubieke meter, m³: de inhoud van een kubus van 1 meter bij 1 meter bij 1 meter. Daar passen precies 1000 liter in. Zie ook de pagina over inhoud berekenen.

Machten van 10

Machten van 10 zijn makkelijk: de exponent zegt hoeveel nullen er achter de 1 staan.

  • 10² = 100
  • 10³ = 1000
  • 10⁶ = 1.000.000, een miljoen

Machten van 2: steeds verdubbelen

Een leuke proef aan de keukentafel: vouw een vel papier steeds dubbel en tel de lagen. Na een keer vouwen heb je 2 lagen, na twee keer 2² = 4 lagen, na drie keer 2³ = 8 lagen en na vijf keer al 2⁵ = 32 lagen. Elke keer verdubbelt het aantal. Zo ziet je kind hoe snel machten groeien, en waarom je het papier niet heel vaak kunt blijven vouwen.

Wat is een wortel?

Een wortel is het omgekeerde van een kwadraat. De wortel van 49, geschreven als √49, is het getal dat keer zichzelf 49 is. Dat is 7. Zo is √100 = 10 en √144 = 12. Wie de kwadratentabel kent, kan deze wortels direct terugvinden.

Kwadraten en machten in een som

Staat er een macht in een langere som, dan reken je die eerst uit, na de haakjes en voor keer en delen. Een voorbeeld: 2 × 3². Eerst 3² = 9, dan 2 × 9 = 18. Wie eerst 2 × 3 doet en dat kwadrateert, komt op 36 uit. Wil je dat wel, dan zet je haakjes: (2 × 3)² = 36. Meer hierover lees je bij de volgorde van bewerkingen.

Veelgemaakte fouten

  • 5² uitrekenen als 5 × 2.
  • 2³ uitrekenen als 2 × 3 = 6 in plaats van 2 × 2 × 2 = 8.
  • Denken dat 1 m² gelijk is aan 100 cm².
  • De macht pas na de keersom uitrekenen.

Zo oefen je thuis

  • Leg vierkanten met blokjes, Lego of tegels: 4 bij 4, 5 bij 5. Tel steeds hoeveel het er zijn.
  • Zoek vierkanten in huis, zoals een tegel of een tafel, en reken de oppervlakte uit.
  • Speel kwadratenpingpong: jij zegt een getal, je kind zegt het kwadraat, en andersom.
  • Laat je kind de patronen in de kwadratentabel zelf ontdekken.

Kwadraten hangen ook samen met priemgetallen en delers: een kwadraat heeft altijd een oneven aantal delers. Nieuwsgierig? Lees verder bij priemgetallen en deelbaarheid.

Oefen het meteen: 4 vragen met uitleg

Kies een antwoord, dan zie je direct of het goed is en waarom. Er wordt niets opgeslagen.

Vraag 1

Hoeveel is 9²?

Het goede antwoord is B. 9² betekent 9 × 9. Dat is 81. Het tweetje betekent niet keer 2.
Vraag 2

Hoeveel is 2⁵?

Het goede antwoord is C. 2⁵ betekent vijf keer de 2 met zichzelf vermenigvuldigen: 2 × 2 × 2 × 2 × 2 = 32.
Vraag 3

Een vierkant heeft een oppervlakte van 144 cm². Hoe lang is een zijde?

Het goede antwoord is A. Je zoekt een getal dat keer zichzelf 144 is. Dat is 12, want 12 × 12 = 144.
Vraag 4

Hoeveel is 4 + 3² × 2?

Het goede antwoord is D. Eerst de macht: 3² = 9. Dan vermenigvuldigen: 9 × 2 = 18. Dan optellen: 4 + 18 = 22.

Veelgestelde vragen

Wat betekent kwadraat?

Een kwadraat is een getal keer zichzelf. Je schrijft het met een klein 2 rechtsboven, zoals 6². Dat betekent 6 × 6 = 36.

Wat is het verschil tussen een kwadraat en een macht?

Een kwadraat is een macht met exponent 2. Bij een macht kan de exponent ook 3, 4 of hoger zijn. 2³ betekent bijvoorbeeld 2 × 2 × 2 = 8.

Waarom heet het vierkante meter?

Een vierkante meter, m², is de oppervlakte van een vierkant van 1 meter bij 1 meter. Het tweetje laat zien dat je twee lengtes met elkaar vermenigvuldigt: lengte keer breedte.

Hoe reken je een wortel uit?

Je zoekt het getal dat keer zichzelf het getal onder het wortelteken geeft. √81 is 9, want 9 × 9 = 81. Wie de kwadraten kent, vindt veel wortels zo terug.

Meer over rekenen voor de doorstroomtoets in groep 8